Tibet

Al eeuwenlang oefent Tibet een onweerstaanbare aantrekkings­kracht uit op westerlingen. Het land achter de barrière van de Himalaya lijkt omgeven door myste­ries. Misschien kent u de boeken van de Tibet-avontu­riers uit het begin van deze eeuw, ­zoals Sven Hedin, Alexandra David-Neel en Ekai Kawaguchi. Wie eenmaal gegrepen is door hun verhalen waant zich zelf een beginnende ontdekkings­rei­ziger op het Dak van de Wereld. Op een gemid­delde hoogte van 4000 meter is het licht van een onverge­lijk­bare kwaliteit. Weidse verge­zichten over azuurblauwe meren ontvouwen zich tegen een achtergrond van sneeuwtoppen en van veraf schitteren de goudgekleurde tempeldaken van de Tibe­taanse kloosters. Natuurlijk is Tibet (en met name Lhasa) veranderd nu het onder Chi­nees gezag valt, maar voor veel Tibeta­nen is het dage­lijks leven nauwelijks veranderd. Nog altijd leggen pelgrims de weg naar Lhasa te voet af en trekken noma­disch levende herders met hun yakkud­des over de hoogvlak­ten. Kennismaken met Tibetanen is een belevenis. Wie zijn tong uitsteekt maakt een beleefd gebaar, een dikke laag vuil op de huid geldt als een schoonheidsideaal en veel boter en zout in goed doortrokken thee geldt als het beste wat je je gasten voor kunt zetten.